Paranormale geneeswijze

De paranormale geneeswijze is vermoedelijk net zo oud als de mensheid zelf. We kunnen haar rijkelijk` terugvinden in de geschiedenis van de cultuur, de godsdienst en de folklore. Telkens kom je de “genezer” in de een of andere vorm tegen; dat gebeurt in een tijdgebonden gedaante en tegen de achtergrond van de eigen cultuur. Zo zijn er in Frankrijk en Spanje grotschilderingen ontdekt, die de paranormale geneeswijze afbeelden. Deze afbeeldingen stammen uit het einde van de ijstijd, zo’n tienduizend jaar geleden. De afgebeelde therapie wordt nog steeds in zijn meest oorspronkelijke vorm toegepast door sjamanen. De sjamaan – die hier meer bekendheid geniet onder de naam medicijnman – heeft meestal een grote kennis van geneeskrachtige kruiden en is behalve genezer ook geestelijk raadsman van zijn volk. Wat dat betreft is er weinig verschil met de westelijke paranormale genezer. Ook in de christelijke traditie speelde de paranormale geneeswijze anvankelijk een belangrijke rol. Net alleen Jezus, maar zijn discipelen genazen door handoplegging vele zieken.

In de middeleeuwen werd het paranormale genezen door de kerk in de ban gedaan. De kerk behield zich het alleen recht voor op het bovennatuurlijke en vervolgde iedereen die gaven bezat; die we nu paranormale gaven noemen. De kerk zag liever niet de gewone mensen mirakelen verrichten die vergelijkbaar waren met de wonderen van Christus. Alleen priesters en koningen mochten – onder het mom begenadigden van God te zijn – zieken de handopleggen. De zieke knielde dan voor de priester of koning neer. Die legde dan zijn hand op het hoofd van de zieke en zei: “God geneest u”. De genezing die op zo’n manier werd bewerksteliigd werd dan als Gods genade gezien. De “gewone” paranormale genezers werden – net als de kruidenvrouwtjes die dikwijls een enorme, van generatie op generatie doorgegeven, kennis van geneeskrachtige kruiden bezaten – gezien als afgezanten van de duivel. Velen van hen belanden dan ook op de brandstapel om als heks of ketter te worden verbrand. Ook nu zijn er nog wel kerkgenootschappen die fel tegen
pranormale genezen zijn. Zij verwarren deparanormale geneeswijze met spiritisme. Dat is jammer. Vele Paranoramale genezers zijn erg gelovige mensen en zien hun gave als een geschenk van God en moeten van occulte zaken niets hebben.

Dr. Anton Mesmer.

De grondlegger van de hedendaagse vorm van paranormaal genezen is de Oostenrijkse arts dr. Anton Mesmer (1734-1815). Deze arts merkte, toen hij eens een patient een aderlating liet ondergaan – iets wat vroeger veel werd toegeapst -, dat wanneer hij op de patient toeliep het bloeden minder werd. Verwijderde hij zich weer van de patient, dan begon het bloed weer harder te vloeien. Hij liet dit fenomeen zien aan natuurkundigen die met magneetstenen experimenteerden. Zij trachten te bewijzen dat je met een magneetsteen “magnetiet” genezingen kon bewerkstelligen. Mesmer liet hen zien dat wat een magneetsteen tot stand kon brengen, hij ook door handoplegging kon doen. Dit verschijnsel kreeg de naam Mesmer, namelijk “mesmerisme”. Hij kreeg veel aanhangers onder de artsen uit die tijd en zijn therapie werd ook ver buiten zijn landgrenzen erg populair. En nog steeds staan de meeste westerse paranormale genezers achter zijn ideeen:

– er bestaat overal in universum een zeer fijne, alles doordringende kracht
– ziekte is het gevolg van een onevenwichtige verdeling van deze kracht in het lichaam van de mens
– de genezer kan de zieke genezen, door uit het universum de kracht aan te trekken en deze aan de zieke door te geven

Mesmer noemde deze, tussen mensen onderling uitwisselende kracht “dierlijk magnetisme”, omdat hij deze associeerde met de werking van een magneet. Nu staat deze kracht algemeen bekend als “magnetisme”. Tegenwoordig wordt er door beroepsverenigingen en ook door veel genezers liever de term “paranormaal genezen” of “paranormale therapie” gebruikt. Maar in de volksmond worden paranormale genezers meestal ‘magnetiseurs” of “strijkers” genoemd. De laatste benaming is ontstaan door het feit dat veel genezers strijkbewegingen maken langs het lichaam van de patient. Op die manier tracht men het door mesmer ontdekte “Fluidium”, dat ieder mens om zich heen heeft en tegenwoordig beter bekend staat als “aura” te herstellen of aan te vullen
(Bron: Onze Natuurkracht – Marleen van Pelt.)

Wie is “Fluïde”?
De naam “FLUÏDE” is afkomstig van het fluïde-koord. Het fluïde-koord dat de geest verbind met het stoffelijk lichaam, heet “levensdraad”.

Het woord “F l u ï d e” wordt nu door mij als praktijknaam gevoerd.